donderdag 16 juli 1981

Cevennes

Vanmorgen worden we oververhit wakker, de ene kant van mijn tent kan ik niet aanraken, zo heet is ie. 
Het is stralend weer. Bram heeft croissantjes en zoete broodjes gehaald en we gaan ontbijten. Onder het ontbijt komt mama met het idee om de auto op te halen en dan naar het Lac du Verdon te rijden en daar een camping op te zoeken aan het water en dan daar te gaan fietsen, zwemmen enz. Dit doen we omdat het hier te heet is om te fietsen en daar is er water om te zwemmen, dus vandaag op naar de auto in Fontanès. 
Het is erg warm weer dus kunnen we niet veel kilometers afleggen. Vandaag is dat 50 kilometer, dus niet veel vergeleken met Engeland. In totaal hebben we nu ongeveer 250 kilometer gefietst. Na het eten pakken we alles op en vertrekken naar Fontanès. Daar aangekomen halen we de auto op en krijgen een tip om naar de Seyvennes te gaan. Daar zou het heel mooi zijn met riviertjes waar je in kunt zwemmen, dus wij vertrekken. Daar zoeken we een camping en gaan zwemmen in de rivier met erg harde stroming, erg leuk. Daarna eten we patat en zetten de tenten op. En dan drinken we thee en gaan lezen en daarna… welterusten. 
Menno

woensdag 15 juli 1981

Les Saintes-Maries-de-la-Mer

’s Morgens word ik al om kwart voor acht wakker in een bloedhete tent, terwijl het normaal pas om 9 uur warm wordt, dus het belooft een hete dag te worden. Onder het ontbijt stelt Bram voor om te gaan zwemmen, ook vanwege de hitte. We hebben dinsdag de openingstijden gezien en denken dat het bad om 10 uur open is, maar dat is pas 2 uur later het geval. In plaats van naar het zwembad gaan we naar de zee, naar Les Saintes-Maries-de-la-Mer. De weg ernaar is vlak, het lijkt op een Nederlands polderlandschap, maar dan in Frankrijk. We hebben windje mee dus de heenweg is een gemakkelijk ritje. Onderweg houdt een man ons aan en vertelt dat er 3 km. verder een grote brand is met honderden wachtende auto’s en hij zegt dat we er niet doorheen kunnen komen. Ondanks dat rijden we toch door en inderdaad is er brand. Als fietser kunnen we overal langs en de brand ligt gauw weer achter ons.

   

In Les Saintes-Maries-de-la-Mer aangekomen kopen we wat brood, beleg, drank en de Volkskrant van dinsdag en dan gaan we naar het strand. Daar eten en zwemmen en zonnen we. Op de terugweg stoppen we een paar keer voor drank en fruit en merken dan pas hoe erg we verbrand zijn. We hebben harde tegenwind dus we moeten er flink tegenaan maar de wind zorgt gelijk weer voor afkoeling. Terug op de camping nemen we allemaal een koude douche en eten ’s avonds macaroni en gaan dan vermoeid naar bed.
Bob

dinsdag 14 juli 1981

St. Gilles

We verlaten deze ongezellige camping en rijden eerst naar Marguerites waar we water en eten kopen. Dan ontdekt Menno dat hij zijn horloge kwijt is. Hij terug dus. Pas laat vertrekken we maar hebben wind mee, we vliegen over de weg. In St. Gilles, een druk toeristisch plaatsje, drinken we koffie/cola en zoeken een camping op. 
Daar lunchen we en willen naar het zwembad, maar helaas, gesloten. Op het terrasje nemen we een biertje. Ik wil toch gaan zwemmen en doe dat in het kanaal, hoewel dat verboden is. Daarna gaan we (lekker) eten in een restaurantje. Dan terug naar de tent om wat warmers aan te trekken en weer naar het dorp om naar de majorettes en het vuurwerk te kijken (14 juillet). 
Bram

maandag 13 juli 1981

Richting Nîmes

Het fietsen met bepakking over heuvelachtige wegen is wel weer even wennen! Het is bloedheet en na de eerste de beste klim hebben Menno en ik een vuurrood hoofd. In Sommières, zo’n 11 km. verder, zoeken we meteen een terrasje op. We kopen een gedetailleerde kaart en wat broodjes. Na Sommières hebben we wind tegen. We picknicken op een schaduwrijk plekje. 

   
We komen rond drie uur bezweet in Nîmes aan en zoeken een terrasje op met uitzicht op de Romeinse arena. Als we fris en mineraalwater bestellen schrik ik van de prijs: 48 Fr. francs! Wat voorzichtiger de terrasjes uitzoeken! In Nîmes blijkt geen camping te zijn, de dichtstbijzijnde is in Marguerites, 8 km. verder. Rustig de stad bekijken is er dus niet bij, want 8 km. fietsen in deze hitte met voorbijrazende auto’s is iets anders dan thuis. De camping in Marguerites staat Bram helemaal niet aan, maar voor één nachtje blijven we toch. We zetten de tenten op (tot overmaat van ramp staan we praktisch langs de autoweg) en doen de boodschappen. Daarna ga ik (koud) douchen. Tijdens het koken heeft Bram wat problemen met Bob die languit in onze tent ligt i.p.v. in zijn eigen tent. Na het eten is de sfeer weer vredig…
Joke

zondag 12 juli 1981

Eerste fietstochtje

We worden vanmorgen onder een stralende blauwe lucht wakker dus dat betekent fietsen en zwemmen. Maar eerst lekker ontbijten, helaas nu geen croissant, ze waren al op. Maar wel stokbrood, hmm, dat is smullen. Bob en ik wassen af en Bram en mama doen boodschappen en daarna gaan we fietsen. Het eerste stuk is rot, auto’s die keihard rijden, tegenwind, rotwegen, bergop. Daarna is het heuvel op heuvel af enz. (wel leuk). Het allerlaatste stuk (4 km.) is vermoeiend. 
Als we terugkomen hebben we het erg heet. Over een halfuurtje gaat het zwembad open en gaan we lekker zwemmen. Na het zwemmen zitten we tot half zeven op het terras van de camping en drinken wat. Dan gaan we naar de tent en mama en Bram koken en we hebben heerlijk gegeten: gebakken aardappels, sperziebonen en een lekkere knakworst. Daarna wassen Bob en ik af. Na het afwassen gaan mama en ik rond de camping lopen en Bram gaat aan mama's fiets werken. Bob en ik gaan zo douchen en hopen dan heerlijk te slapen. Welterusten,
Menno.

zaterdag 11 juli 1981

Op de camping

Ik word vanmorgen, onder een bewolkte lucht, wakker gemaakt met de mededeling dat er croissantjes en stokbrood zijn gehaald. Het duurt even voordat ik echt wakker ben, maar dan ga ik ook meteen op het Franse ontbijt af (alhoewel pindakaas en appelstroop niet zo Frans is). Na het ontbijt luieren we allemaal nog een beetje in onze tenten. Nadat we langzamerhand wat fitter zijn geworden, gaan mama en Bram de auto wegbrengen en als ze weer op de fiets terugkomen is het warm geworden en trekt de lucht wat open. Bram, Menno en ik gaan daarna nog een fietstochtje maken door een paar kleine dorpjes en over een colletje. Boven aangekomen besluiten we om dezelfde weg weer terug te gaan. De weg terug is bijna alleen maar naar beneden, dus die doen we ook een kwartiertje sneller. Bij elkaar duurt dat ritje toch minstens een uur. Als we terugkomen, we hebben het inmiddels goed warm gekregen, gaan we eten: gebakken ei, brood, ratatouille en aardappelen. Mama en Bram gaan nog wat wandelen en Menno en ik voetballen.
Bob

vrijdag 10 juli 1981

Naar Frankrijk met Bob en Menno

We vertrekken om negen uur. De autorit verloopt voorspoedig. In België kunnen we LPG tanken en dan op naar Frankrijk. We gaan niet via Parijs, maar nemen bij Ermenonville de alternatieve route. Nu ook Bram zijn rijbewijs heeft kunnen we elkaar afwisselen. Om een uur of zeven begint het weer te betrekken. In de verte zien we bliksemflitsen en even later rijden we in de regen. We gaan een camping zoeken en komen in Courtenay terecht. 
Joke

Om negen uur vertrekken we uit Courtenay. We besluiten de rondweg om Lyon te nemen, maar dat was niet verstandig. Het blijkt een alternatieve route naar Lyon te zijn en zo komen we midden in de stad terecht. Daar missen we een afslag en brengen een uurtje in Lyon door. Als we eindelijk de snelweg naar Marseille gevonden hebben gaat het voorspoedig tot aan Nîmes en vervolgens naar Fontanès. Hier woont de zus van Claude en we mogen bij haar de auto laten staan. We worden hartelijk ontvangen, maar toch ook met iets van: “We worden vaak met vakantiegangers opgescheept”. De camping in Crespian vinden we tamelijk snel en in het donker zetten we onze tenten op. 
Bram