donderdag 30 september 1982

Naar Cotignac

         
        
Bram gaat de Mont Ventoux beklimmen. Beneden is het 30 °C, maar onderweg naar boven wordt het kouder en mistiger en op de top staat een ijzige wind. Als hij de top heeft bereikt stapt hij gauw in de auto (fiets achterin) om snel weer naar de warmte beneden te rijden.   

zondag 27 juni 1982

1982 Voorjaar en zomer

      
Mark Hiddinga is jarig.  

    
Met ma, Carla en Ruud gaan we twee weken naar Playa de Aro naar het appartement van Rob en Jannie.  

 
Menno's 6e klas lagere school. In augustus gaan Bob en Menno met Rob en Jannie naar Playa de Aro.

    
Een weekje Schoorl met Ineke, Erwin, Jeroen en Niels Schumm.

zondag 13 september 1981

1981 Zomer en najaar

        
Weekendje Ardennen met Centraalwoners.

  
  
Met Brams ouders en oma en Leo en Yvon.

donderdag 30 juli 1981

Weer naar huis

We rijden over Moustiers en niet over Cotignac. Bij de volgende koffiestop denken we flink opgeschoten te zijn, maar we hebben slechts 100 km. gereden. Na uren rijden wordt het langzamerhand donker. 
We besluiten een camping op te zoeken en zetten snel onze tent op bij het licht van de auto. De jongens willen vannacht in de auto slapen.
Bram

woensdag 29 juli 1981

Fietstocht rond de Gorge du Verdon

We beginnen onze fietstocht om half tien met de eerste klim naar Aiguines, 6 km. lang naar 883 meter hoogte. Daar drinken we onze eerste koffie. Bram spreekt een Duitser, die helemaal lyrisch wordt van hoe we met z'n vieren fietsen. Dan op weg naar het hoogste punt, 1200 m. Bram en Bob zijn al gauw niet meer te zien en Menno en ik zwoegen voort met veel pauzes en veel slokken water. Anderhalf uur later zijn we op de top! We voelen ons heel triomfantelijk en genieten van het prachtige uitzicht op de Verdon. Met onze jacks aan beginnen we aan de afdaling die razendsnel verloopt en ons behoorlijk afkoelt. Verder gaat de tocht met klimmen en dalen en een inzinking van Menno, en van Bob, die een te zwaar verzet draait. 
   
Om een uur of twee zijn we nog niet over de helft en we beginnen ons af te vragen of we niet te hoog gegrepen hebben. Er zit niets anders op dan door te gaan, want terug is nog zwaarder. Naar het dorpje Trigance hebben we een afdaling, zo steil dat we voortdurend moeten remmen en beneden hebben we zere handen van het knijpen. Menno’s inzinking is inmiddels over en nu is het mijn beurt. Nadat we na de zoveelste klim aankomen in La Palud, ben ik afgepeigerd en wee van de honger. Bram heeft intussen broodjes en fruit gekocht en daar knap ik wat van op. Met knikkende knieën begin ik aan de laatste klim naar 1060 meter. Die blijkt reuze mee te vallen en weldra beginnen we aan de afdaling naar Moustiers, 15 km. lang. 

  
 
De rest gaat van een leien dakje en om kwart voor zeven zitten we in Les Salles aan onze welverdiende pils en frisdrank. Dan gauw wat boodschappen gedaan, gekookt en gegeten: coteletten, aardappelen, flageolets, appelmoes en Gervais toetje. Daarna douchen we en zetten de fietsen alvast op de auto. We gaan slapen met een zeer voldaan gevoel. We hebben ons verblijf in Les Salles afgesloten met een grandioze fietstocht!
Joke

dinsdag 28 juli 1981

Wandeling vanuit Le Point Sublime

Vanmorgen na ´t Franse ontbijt vertrekken we naar Le Point Sublime waar we een uitgezette wandeling gaan volgen. We denken dat de weg erheen met de auto een halfuurtje is. De weg is erg mooi, we rijden door en langs alle bergen. Als we na een uur rijden nog niet op de plaats van bestemming zijn gaan we op de kaart kijken. We moeten dus nog een uur rijden. Als we eindelijk in Le Point Sublime aankomen drinken we eerst koffie, cola en orangina. Dan rijden we naar het begin van de wandeling en beginnen. Eerst moeten we een stuk naar beneden en een wankele brug over die over een hard stromend beekje leidt. We kijken uit op een paar prachtige rotswanden. We moeten nog een stukje lopen en een trap op. En dan lopen we in een grot waar het donker is, dus pakken we de zaklantaarn. Voor de tweede grot is een prachtig uitzicht en voor de derde grot is een gat naar buiten in de grond met spijlen ervoor. Bij de vierde grot ligt er een trap voor­: verboden toegang. Dan gaan we naar beneden en picknicken en gaan weer terug. Over deze tocht doen we één uur, terwijl je er volgens de boekjes twee uur over doet.

      
Dan gaan we naar huis en huren Bob en ik een kajak. Daarna een broodje met appelmoes. Weer thuis eten en lezen we.
Menno