Een weekje Schoorl met Ineke, Erwin, Jeroen en Niels Schumm.
zondag 27 juni 1982
zondag 13 september 1981
donderdag 30 juli 1981
Weer naar huis
We rijden over
Moustiers en niet over Cotignac. Bij de volgende koffiestop denken we flink
opgeschoten te zijn, maar we hebben slechts 100 km. gereden. Na uren rijden wordt het langzamerhand donker. We besluiten een camping op te zoeken en zetten snel onze tent op bij het licht van de auto. De jongens willen vannacht in de auto slapen.
Bram
woensdag 29 juli 1981
Fietstocht rond de Gorge du Verdon
We beginnen onze fietstocht om half
tien met de eerste klim naar Aiguines, 6 km. lang naar 883 meter hoogte. Daar drinken we onze eerste koffie. Bram spreekt een Duitser, die helemaal lyrisch wordt van hoe we met
z'n vieren fietsen. Dan op weg naar het hoogste punt, 1200 m. Bram en Bob zijn
al gauw niet meer te zien en Menno en ik zwoegen voort met veel pauzes en veel
slokken water. Anderhalf uur later zijn we op de top! We voelen ons heel triomfantelijk
en genieten van het prachtige uitzicht op de Verdon. Met onze jacks aan
beginnen we aan de afdaling die razendsnel verloopt en ons behoorlijk afkoelt. Verder gaat de tocht
met klimmen en dalen en een inzinking van Menno, en van Bob, die een te zwaar verzet draait.
Om een
uur of twee zijn we nog niet over de helft en we beginnen ons af te vragen of
we niet te hoog gegrepen hebben. Er zit niets anders op dan
door te gaan, want terug is nog zwaarder. Naar het dorpje Trigance hebben we
een afdaling, zo steil dat we voortdurend moeten remmen en beneden hebben we
zere handen van het knijpen. Menno’s inzinking is inmiddels over en nu is het mijn beurt. Nadat
we na de zoveelste klim aankomen in La Palud, ben ik afgepeigerd en wee van de
honger. Bram heeft intussen broodjes en fruit gekocht en daar knap ik wat van
op. Met knikkende knieƫn begin ik aan de laatste klim naar 1060 meter. Die
blijkt reuze mee te vallen en weldra beginnen we aan de afdaling naar
Moustiers, 15 km. lang.
De rest gaat van een leien dakje en om
kwart voor zeven zitten we in Les Salles aan onze welverdiende pils en
frisdrank. Dan gauw wat boodschappen gedaan, gekookt en gegeten: coteletten,
aardappelen, flageolets, appelmoes en Gervais toetje. Daarna douchen we en
zetten de fietsen alvast op de auto. We gaan slapen met een zeer voldaan
gevoel. We hebben ons verblijf in Les Salles afgesloten met een grandioze
fietstocht!
Joke
dinsdag 28 juli 1981
Wandeling vanuit Le Point Sublime
Vanmorgen na ´t Franse ontbijt
vertrekken we naar Le Point Sublime waar we een uitgezette wandeling gaan
volgen. We denken dat de weg erheen met de
auto een halfuurtje is. De weg is erg mooi, we rijden door en langs alle bergen.
Als we na een uur rijden nog niet op de plaats van bestemming zijn gaan we op
de kaart kijken. We moeten dus nog een uur rijden. Als we eindelijk in Le Point
Sublime aankomen drinken we eerst koffie, cola en orangina. Dan rijden we naar
het begin van de wandeling en beginnen. Eerst moeten we een stuk naar beneden
en een wankele brug over die over een hard stromend beekje leidt. We kijken uit
op een paar prachtige rotswanden. We moeten nog een stukje lopen en een trap
op. En dan lopen we in een grot waar het donker is, dus pakken we de
zaklantaarn. Voor de tweede grot is een prachtig uitzicht en voor de derde grot
is een gat naar buiten in de grond met spijlen ervoor. Bij de vierde grot ligt
er een trap voor: verboden toegang. Dan gaan we naar beneden en picknicken en
gaan weer terug. Over deze tocht doen we ƩƩn uur, terwijl je er volgens de
boekjes twee uur over doet.
Dan gaan we naar huis en huren Bob en
ik een kajak. Daarna een broodje met appelmoes. Weer thuis eten en lezen we.
Menno
maandag 27 juli 1981
Kanoƫn in de Verdon
Na het ontbijt gaan we naar de Verdon
om een kano of waterfiets te huren. We huren een driepersoons kano en een kajak voor 3½ uur. Na 1½ uur
stoppen we omdat de stroom te sterk wordt en nog 20 meter verder is een stroomversnelling
(tegen ons in). We gaan even aan de kant en daarna ga ik in de kajak een beetje
varen, want ik wil proberen door de stroomversnelling heen te komen, maar
dat mislukt. Ik sla om en word ondersteboven met de stroom meegesleurd. Ik kan
uit de boot en de stroom komen en de boot + peddel bij elkaar houden. Het water
is verschrikkelijk koud, maar dat merk ik pas als ik de spullen aan de kant
heb. Tien minuten later komt er een grote kano voorbij die hetzelfde probeert
maar dan ook omslaat. Er komen peddels, T-shirts en schoenen voorbijdrijven die
door mij en anderen toch nog gered worden. We zien ook veel vissen
zwemmen.


Om kwart over drie brengen we de spullen weer terug. We drinken wat en gaan thuis wat eten. Daarna gaan we naar het meer en zwemmen en zonnen daar. Voor het eten drinken we nog wat in het dorp. We eten: aardappels, sperziebonen en merguez. Om 10 uur gaan Menno en mama naar de kermis.
Bob
Abonneren op:
Posts (Atom)
















































